The Project Gutenberg eBook of Turckse slavernie

This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you will have to check the laws of the country where you are located before using this eBook.

Title: Turckse slavernie

Author: Emanuel d' Aranda


Release date: December 27, 2022 [eBook #69645]
Most recently updated: October 19, 2024

Language: Dutch

Original publication: Netherlands: Chrostoffel en Iasper Doll, 1666

Other information and formats: www.gutenberg.org/ebooks/69645

Credits: Wouter Franssen, Jeroen Hellingman, and the Online Distributed Proofreading Team at https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg (This file was produced from images generously made available by The Internet Archive)

*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK TURCKSE SLAVERNIE ***
[Inhoud]

[1]

[Inhoud]

Turckse Slavernie Beſchreven door Emanu. de airanda

Turckse Slavernie
Beſchreven door Emanu. de airanda

In ’s Graven-hage
By Chriſtoffel ende Iaſper Dol 1666.

[3]

[Inhoud]

Oorspronkelijke titelpagina.

TURCKSE SLAVERNIE,

Beſchreven door

Emanuel De Airanda,
Soo hy ſelfs die geleden heeft:

Mitſgaders

Verſcheyde particuliere en vermaeckelijcke Verhalinghen van veelderhande dingen die geſchiet ſijn terwijl hy in Slavernie is gheweeſt.

Als mede

De verſchrickelijcke maniere van Iuſtitie by die van Argiers gebruycklijck.

Seer aengenaem te leſen voor alle curieuſe Perſoonen, ende nootſakelijck voor alle Zee-varende Luyden, om te weten, waer na ſy in ſoodanigen ongeluck ſich hebben te reguleren.

[5]

[Inhoud]

VOOR-REDEN.
Tot den
LESER.

Beminde Leſer,

Ick preſenteer u een werck, ’t welck niet en verdient de naem van de Hiſtorie te hebben, maer alleen een eenvoudighe en waerachtige Verhalinghe van vreemde ende verſcheyde dingen, die my gebeurt ſijn in de tijde van mijn Reyſe, ofte die ick geſien hebbe aen andere gheſchiet te zijn: Uyt de welcke ick vryelijck ſal bekennen dat ick immers ſoo veel, indien niet meerder profijt in weynigh tijdts getrocken hebbe, als uyt mijne Studien in vele Iaren. Het welcke ghy lichtelijck ſult konnen begrijpen indien ghy de patientie wilt nemen dit Boeckje ’t welck ick u preſentere te leſen: Waer in gelijck een Zee-Man onder ſijne Vrienden ſpreeckt van Tempeeſten en Schip-breucken, een Soldaet [6]van Bataillen ende wonden, een Herder vande Wolff ende ſijne Kudden; Ick u ſal onderhouden, u leydende van Madrid in Spaignen, ende wandelende door de Zee ende door Africa, tot dat wy wederom komen in ons Vaderlandt.

[7]

[Inhoud]

REGISTER
Vande particuliere
VERHALINGEN.

I. Verhael. Hiſtorie van een Spaenſe Geeſtelijcke Perſoon, die tot Argiers Slaaf was. 117
II. Vande Manhaftigheydt van een Hollantſe Capiteyn, die ſich defendeerde alleen tegens vijf Turckſe Galeyen, ende twee Brigantijns, ende haer verſtroyde. 124
III. De volſtandigheydt van een Chriſten Slavinne, om in haer Gheloof te blijven. 132
IV. De onwetende Lieden imagineren haer ſelven in vreemde dingen. 134
V. Van vijf Turckſe Slaven, die door een wonderlijcke practijck haer ſalveerden, ende vande reſcontre van een Schip van Duynkercke. 137
VI. Een wonderlijck effect van een vervloeckte Liefde. 139
VII. Van twee ongeluckige Slaven, die inde [8]Mamore van Tituan gheſteldt wierden. 141
VIII. Van een Portugijſe Edelman, die gevanghen wierde ende tot Argiers gebracht. 146
IX. Een nieuwe Slaef moet ſich van een yeder miſvertrouwen. 153
X. Van twee nieuwe getrouden, die vande Turcken ghenomen, ende tot Argiers tot Slaven ghebracht wierden. 157
XI. Vande ondanckbaerheydt van een Portugijſe Slaef. 160
XII. De maniere vande Dooden tot Argiers te begraven. 164
XIII. Van den onbedachten yver, ende van den voorſichtigen yver. 166
XIV. Twee exempelen van mildadigheydt ende erkenteniſſe. 169
XV. Vande maniere van Trouwen tot Argiers. 174
XVI. De nootſaeckelijckheydt is de Moeder vande neerſtigheydt ende vande vernuftigheydt. 178
XVII. Van een Pater Carmelijt die Slaef [9]was, ende van Alli Pegelin. 183
XVIII. Het gebruyck van Vergift is ſeer gemeen in Africa. 193
XIX. De Turcken houden haer woordt. 197
XX. De Vrouwen ende de Wijn bedriegen de looſte die der ſijn. 202
XXI. De maniere om de Pocken tot Argiers ſonder Chirurgijn te geneſen. 207
XXII. Van een Fransman die ſich Turcx wilde maecken, ende een Chriſten bleef tegen ſijn danck. 209
XXIII. Vande openhertigheyt van een Ioodſe Dochter. 211
XXIV. Van het wijs retireren van een Zee-Roover. 213
XXV. Godt geleydt door ſijn voorſienigheyt den ghenen die een goede intentie hebben. 216
XXVI. De openhertigheyt van een Duynkerckſe Slaef. 220
XXVII. Kluchtighe reſcontren vande Fortuyne der Slaven. 222
XXVIII. Een Slaef dient ſich van alles om te leven. [10] 230
XXIX. Vande getrouwigheyt van een Man, ende vande ontrouwigheydt van ſijn Vrouw. 233
XXX. Krackeel tuſſchen Spaenſe ende Portugijſe Slaven. 238
XXXI. Een Slaef moet niet al te ſeer betrouwen op de al te groote courtoiſie van ſijn Patroon. 241
XXXII. Van een Religieus die ſijn Geloof door ſwackheydt verſaeckte wanneer hy binnen Argiers Slaef was, ende die door ſijn betrouw een Martelaer wierde. 244
XXXIII. Van het voornemen dat wy gheformeert hadden, om ons Meeſter te maecken van het Schip ’t welck ons na Tituan brocht. 251
XXXIV. De curieuſheydt wordt voldaen met de tijdt ende patientie. 256
XXXV. De onnoſele beſchuldight. 263
XXXVI. Ghetrouwigheydt, ſtantvaſtigheydt, vergeldinghe ende danckbaerheydt. 267
XXXVII. Schip-braeck in de Haven. 270

[1]