Overgeschoten of verschgekookte maar koude aardappelen worden aan schijfjes gesneden en daarna goed geroerd (gefatigueerd) met de volgende saus: op het sap van 1 kleine djeroek nipis 2 theelepels slaolie—op 1 groote of 2 kleine djeroek nipis 3 à 4 theelepels slaolie benevens een weinigje suiker naar smaak. Met deze olie maakt men het kruim van een paar aardappels fijn, door alles goed te mengen.
Die saus wordt door de aardappelen geroerd.
Men kan ook de saladesaus no. 65, of een der mayonnaisesauzen no. 63 of no. 64 nemen.
Zeer malsche andijvie wordt goed gewasschen, schoongemaakt en van alle onzuiverheden (slakken, enz.) ontdaan en zeer dun gesneden (iris) als de rampéj. De verdere behandeling en verwerking tot sla is het door elkander roeren van de fijne andijvie met de saus no. 65 of met een der beide mayonnaisesauzen.
(Van heeren-, spersie-, prinsesse- of slaboonen).
Gekookte boontjes worden evenals de andijviesalade bereid. Men kan door de saus een paar gekookte aardappelen heenwrijven of een der mayonnaisesauzen gebruiken. (No. 63 of 64)
De hartjes van eenige kleine kolen worden zeer fijn gesneden (iris) als de rampéj en daarna aangemaakt met olie en citroensap in de opgegeven verhouding (no. 128). Men roert alles goed door elkander en laat deze sla, vóór ze te gebruiken, een goed half uur staan.
Een paar rijpe ketimoens worden met een komkommerschaaf fijngeschaafd aan zeer dunne schijfjes—òf men snijdt ze met een mes aan zeer dunne schijfjes,—waarna men ze goed door elkander roert met een der opgegeven mayonnaisesauzen (no. 63 of no. 64).
Gekookte knolletjes (lobak), worteltjes (uit blik), bieten, worden in verschillende figuurtjes gesneden (sterren, enz.) en alles in vakken geschikt, rondom een pyramide van eenige aardappelenpurée. Om de verschillende groentevakken stort men een der uitgekozen mayonnaisesauzen.
Worteltjes, doperwtjes, lobakjes, snijboonen, aspergepunten en mayonnaisesaus.
Men maakt in een schotel een laag van snijboonen en plaatst daarop—in het midden—de doperwtjes en aspergepunten, waaroverheen men een paar lepels mayonnaisesaus stort. De overige opgegeven groenten komen er in verschillende vakken om heen. Verder wordt er, bij het voordienen van deze salade, nog mayonnaisesaus gepresenteerd, naar verkiezing van hen, die meer saus wenschen.
De taugé wordt half gaar (stengah mateng) gekookt en als gewone salade verwerkt met een saus van citroensap en Genuaolie en, naar verkiezing, een gekookt ei er door fijn gewreven.
Kropsla. Van deze de buitenste bladeren verwijderen, de sla verder goed schoonmaken, de blaadjes van de harde nerven afrissen, ze laten uitlekken op een vergiet—of met de hand goed uitpersen (meres) en verder met de vegetarische saus van citroensap, slaolie en een fijngewreven aardappel bereiden en door elkander roeren. Men kan ook mayonnaisesaus gebruiken.
Na de rijpe tomaten te hebben gewasschen, snijdt men ze aan dunne schijven en bedekt deze met een der verschillende opgegeven sauzen. Men laat de aangemaakte sla een goed uur staan, vóór het gebruik.
Men dient deze salade voor met kleine, uitgezochte kropjes salade, om de tomaten geschikt.
Nog een voor Indië bijzonder geschikte salade is de
De jonge palmiet wordt aan kleine stukjes en reepjes gesneden en verder geheel behandeld als de taugésla (no. 135).
N.B. Ter versiering van al deze verschillende slasoorten kan men een of twee gekookte, gepelde eieren in 4e of 6e parten deelen en deze over de salade netjes arrangeeren.
Bij
worden geen schijfjes eieren ter versiering gebruikt. Men kiest daartoe de volgende vruchten: tomaten, mangga en ananas.
De tomaten worden aan zeer dunne schijfjes gesneden en deze bedruppeld met citroensap.
Vervolgens worden de geschilde mangga’s en ananas aan zeer kleine stukjes gesneden en door de tomaten heen geroerd.
Van vele Indische vruchten kan men goede vegetarische saladen maken: mangga, ananas, djeroeks (keprok, matjan enz.), djamblang (zonder pitten, maar met zout) roekem, lobi-lobi, gendaria, djamboesoorten, enz.