[Inhoud]

Egyptische Taal en Egyptisch Schrift.

De oudste kennis, welke wij van de Egyptische taal hebben, wordt ons door inscriptie’s verschaft, welke tot de 1e dynastie, ongeveer 3300 v.C., behooren. Vanaf dezen kan de opkomst en het verval verder nagegaan worden, door de verschillende opschriften op tempels, monumenten en papyri, tot de 14e eeuw na C., wanneer de Koptische manuscripten eindigen.

Van de levende taal, afgezien van de zuivere literaire taal van de hieroglyphen-inscripties, krijgt men de zuiverste voorstelling door de volksverhalen, brieven en handelsdocumenten, welke tot ons gekomen zijn, waarin de schrijvers zich natuurlijk aan de gangbare spreekvormen hielden en aldus de veranderingen, welke de taal onderging, ontsluierden.

Dat het Egyptisch aan het Semitisch verwant is, is zeker, hoewel hier een rassenprobleem tusschenbeiden komt, want het Egyptische eigenlijke ras was nooit, voor zoover men kan nagaan, Semitisch van type. Erman tracht deze quaestie door de zeer waarschijnlijke theorie op te lossen, dat in den prae-historischen tijd een horde van krijgshaftige Semieten, een deel van Egypte veroverde en zich daar vestigde, evenals de Arabieren in lateren tijd hun taal aan het land gaven, doch dat dezen, als apart ras, uitstierven, hetzij door redenen, welke met het klimaat in betrekking stonden, of doordat zij in de oorspronkelijke bevolking opgingen; deze laatste echter nam de taal van de vreemdelingen, hoewel onvolmaakt, over.

Onder deze omstandigheden veranderde de taal langzamerhand. De medeklinkers werden verkeerd uitgesproken, daar harde voor zachte plaats maakten en dezen op hun beurt, vormden biliteralen van de triliterale stammen. [196]

Deze neiging, waarbij nog een omschrijvende, inplaats van verbale, vervoeging kwam, duurde tot het eind. Koptisch, de laatste vorm, is dus biliteraal van karakter en tijden van bijzondere nauwkeurigheid werden in het werkwoord, door middel van omschrijving, ontwikkeld; de groote overeenkomst tusschen Koptisch en Semitisch moet eveneens tot den voortdurenden Semitischen invloed van latere tijden teruggebracht worden.

De Egyptische taal kan verdeeld worden naar haar vooruitgaande phases. Deze zijn: Oud-Egyptisch, Midden- en Laat-Egyptisch, Demotisch en Koptisch. Oud-Egyptisch is de taal, welke tot het Oude Rijk behoort. Het gaf het letterkundig model voor de latere tijden aan, zooals men uit de inscripties zien kan; het was onvermijdelijk, dat het door de wisselende vormen van de vigeerende taal beïnvloed werd; doch zijn hoofdkarakter werd bewaard.

De oudste voorbeelden, welke wij hebben, zijn inscripties, welke in de 1e dynastie thuis behooren, doch dezen zijn te kort, om ons veel inzicht in de taal en spreekwijze van dien tijd te geven. Hierop volgen verscheidene inscripties en eenige weinige geschiedkundige teksten, welke tot de 4e, 5e en 6e dynastie behooren. Het grootste aantal, dat tot deze phase behoort, is de uitgebreide collectie ritueele teksten en tooverformules, welke men in de pyramiden der 6e dynastie aantreft.

Midden- en Laat-Egyptisch hooren respectievelijk in het Midden- en Nieuwe Rijk thuis en komen de gebruikelijke spreektaal van het volk nabij. Geschriften uit het Midden-Egyptisch, welke nog bestaan, zijn verhalen, brieven en handelsdocumenten, vanaf de 12e dynastie tot het begin van het Nieuwe Rijk, op papyri, in hieratisch schrift geschreven.

De 18e en 21e dynastie laat ons voorbeelden van Laat-Egyptisch, op verschillende hieratische papyri, zien. Met betrekking tot dezen merkt een gezaghebbend schrijver [197]op: „De spelling van het Laat-Egyptisch is zeer eigenaardig, vol van verkeerde etymologie, vol onbeteekenende teekens, etc., terwijl de oude spellingsleer geheel en al ongeschikt is, zich nauwkeurig aan de geheel en al gewijzigde taal aan te passen. Desniettemin is deze plompe spelling krachtig en formules kunnen ons, wat betreft de uitspraak, inlichten”.

Demotisch vertegenwoordigt het volksdialect van de Saïtische periode en stemt werkelijk met het karakter, waarin het geschreven wordt, overeen. Het kan vanaf de 25e dynastie, (plm. 900 v.C.), nagegaan worden en tot de 4e eeuw n.C. was het voortdurend in gebruik. Documenten van het demotisch zijn voor het meerendeel koopcontracten en wettelijke aangelegenheden, hoewel sommige magische teksten en een merkwaardig verhaal, de Papyrus van Setna, eveneens hierin geschreven zijn.

Het Koptisch is de laatste vorm der Egyptische taal, of liever het is een dialectische vorm van het Egyptisch en hiervan zijn vier of vijf verschillende vormen bekend.

Het Koptisch is met de letters van het Grieksche alphabet geschreven en het is werkelijk de eenige phase der taal, waar de spelling een zuiver beeld van de uitspraak geeft.

Aan de Grieksche letters werden 6, uit het Demotisch genomen, toegevoegd, om klanken uit te drukken, welke meer in het bijzonder tot de Egyptische taal behoorden. Deze omstandigheid, tegelijk met de Grieksche afschrijving van Egyptische namen en woorden, hebben de eenige bestaande middelen, om tot een nauwkeurige uitspraak der Egyptische taal te komen, aangevuld.

Een reden voor deze onwetendheid was in de omstandigheid gelegen, dat het Egyptisch systeem van schrijven alleen de geraamten der medeklinkers van een woord laat zien, nooit de afwisselingen der klinkers en dikwijls de semi-consonanten weglaat. [198]