Hathor wordt soms met de ster Sept, of Sothis (Sirius), geïdentificeerd, welke, met de zon op- en ondergaande, opkwam op den eersten dag van de maand Thoth. Toen Ra zijn schip besteeg nam Sothis, of de godin Hathor, haar plaats, boven zijn hoofd, evenals een kroon in.
Steeds heeft men gewezen op de verschillende vormen van deze godin. Door de Grieken werd zij met Aphrodite vereenzelvigd en door de Egyptenaren met een menigte plaatselijke godinnen. De Zeven Hathors, die men soms als onafhankelijke godinnen vermeldt, waren slechts in werkelijkheid een van de gestalten der godin en dezen varieerden in de verschillende plaatsen.
Zoo waren de Zeven Hathors, in Denderah vereerd, Hathor van Thebe, Hathor van Heliopolis, Hathor van Aphroditopolis, Hathor van het Sinaï-schiereiland, Hathor van Momemphis, Hathor van Herakleopolis en Hathor van Keset.
Zij werden als jonge vrouwen, met tamboerijnen in de hand, voorgesteld en voorzien van de Hathor haardracht, uit een schijf en een paar horens bestaand. In de litanieën van Seker worden andere groepen van Zeven Hathors vermeld en Mariette onderscheidt nog een ander gezelschap onder dezen titel.
Kortom, Hathor is de voorstelling van het vrouwelijk element, oorspronkelijk, vruchtbaar en aantrekkelijk, zooals dat bij de meeste barbaarsche volken bekend is en dat in den loop der eeuwen meer vervalscht is.