Khepera, de nog overblijvende vorm van Ra, wordt gewoonlijk in menschelijke gedaante afgebeeld, met een kever op zijn hoofd. De vereering van den kever was in Egypte zeer oud en wij moeten zijn verbinding met den cultus van Ra aan priesterlijken invloed toeschrijven.
Wanneer de scarabaeus zijn eieren in het Egyptische zand gelegd heeft, rolt hij ze in een kleinen bal mest, dezen duwt hij daarna met zijn achterpooten door het zand naar een hol, dat hij tevoren gegraven heeft en hier worden de eieren door de zonnestralen uitgebroed.
Het scheen nu aan de oude Egyptenaren toe, dat deze handelwijze van den kever op de voortwenteling van de zon, langs den hemel, leek, zoodat Khepera, het opkomende zonnelicht, door hem gesymboliseerd werd
Khepera is een god van eenig gewicht, want hij wordt de schepper en vader der goden genoemd, tevens beschouwde men hem als het type der wederopstanding vanwege het symbool van den bal, welke levend zaad bevatte en waarschijnlijk in nog een ander opzicht, daar de opkomende zon als het ware den eenen morgen na den anderen uit zijn nachtelijke graf stapt. De scarabaeën, welke men op de Egyptische mummies vond, typeeren de hoop op wederopstanding en men heeft dezen in graven gevonden, welke waarschijnlijk al uit de 4e dynastie dateeren.