[Inhoud]

Ra en Osiris.

Gedurende vele eeuwen nu werd een stilzwijgende, doch heftige, strijd tusschen de priesters van Ra en Osiris gevoerd, doch ten slotte kreeg het geloof van den laatsten de overhand, ja, hij nam de titels, macht en attributen van den grooten zonnegod tot zich. Daarop werd de opvatting over een zonne- en maangod in zijn persoon vereenigd.

De Osiris-vereering was eigenlijk Afrikaansch en [146]Egyptisch van karakter, doch er is reden te vermoeden, dat de cultus van Ra verschillende vreemde elementen in zich bevatte, waarschijnlijk West-Aziatisch van oorsprong en dit zou de koelheid, waarmede de Egyptische massa zijn vereering beschouwde, verklaren. Heliopolis, zijn stad, bevatte vele inwoners van Aziatische afkomst en deze omstandigheid is wellicht de verklaring voor de invoering van eenige leerstellingen in zijn geloof, welke de inheemsche Egyptenaren onaangenaam vonden.

Er is geen twijfel mogelijk, of Ra nam, tenminste bij de Egyptische aristocratie, de positie van schepper en vader der goden in. Osiris was zijn zoon. De verwantschap tusschen deze twee goden kan men beschouwen als die tusschen god den vader en god den zoon en zooals in sommige godsdienstige stelsels de gestalte van god den zoon, die van god den vader overschaduwd heeft, zoo overvleugelde Osiris Ra.

De god Tem, of Atum, die, zooals reeds door mij opgemerkt is, de plaatselijke god van Heliopolis was, werd in den tijd der dynastieën voor een der gestalten van Ra gehouden en wel in de personificatie van de ondergaande zon. Tem was een van de eerste goden der Egyptenaren. Men stelt het voor, dat hij in de boot van Ra voer en met dezen werd hij zelfs vereenigd onder den naam van Ra-Tem. Hij schijnt een god geweest te zijn, die vele attributen met Ra gemeen had en later eveneens met Osiris geïdentificeerd te zijn.

In de mythe van Ra en Isis zegt Ra: „Ik ben Khepera in den morgen, Ra in den middag en Tem in den avond”; dit toont ons, dat voor de Egyptenaren de dag verdeeld werd in drie deelen en dat ieder van dezen onder de bescherming stond van een bijzondere gedaante van den zonnegod. Tem werd in een van zijn gestalten als een slang vereerd, een zeer gewone vorm voor een zonnegod, want in vele landen is de draak, of slang, het symbool voor de zonneschijf. [147]